Opinie
Een vrijzinnig Europa? - door Dylan van Rijsbergen
De Europese commissie stelde recentelijk voor om de drug '1-benzyl piperazine' in alle lidstaten strafbaar te stellen. Dat zou dan de eerste keer zijn dat ‘Europa’ zich met het drugsbeleid in de afzonderlijke lidstaten bemoeit. Vanuit vrijzinnig opzicht is dat onwenselijk. Nederland is nog steeds (ondanks de conservatieve tegenbeweging van de laatste jaren) uniek en vooruitstrevend in zijn drugsbeleid. De rest van Europa loopt daarin achter. Aanpassen aan gezamenlijke Europese wetgeving is dus een stap terug. De toenemende macht van de commissie vormt in dit opzicht een bedreiging voor de vrijzinnige uitgangspunten waarom ons land –nog steeds- bekend staat.
Maar daarmee zijn we er nog niet. Europa heeft ook op een veel minder zichtbare manier invloed op het Nederlandse drugsbeleid. Het paddoverbod, de steeds strengere controles op dance-feestjes, arrestaties van mensen terwijl die slechts een dosis voor eigen gebruik bij zich hebben, het afschaffen van pillentests op feestjes: er wordt de laatste tijd enorm veel nadruk gelegd op handhaving ten koste van persoonlijke vrijheid. Dit alles doet vermoeden dat Nederland in Europees verband aan overcompensatie lijdt. Om ons softdrugsbeleid te verdedigen wordt steeds vaker op andere gebieden een beleid gevoerd dat strenger is dan in de strengste lidstaten.
Toch is het in vrijzinnige kring not done om je vraagtekens te zetten bij Europa. Voor je het weet krijg je het label opgeplakt van een conservatieve, nationalistische SP’er, een provincialist, een nostalgische gemeenschapsdenker, een angsthaas die zich probeert te verzetten tegen de onomkeerbare wet van de vooruitgang naar een Verenigd Europa. In plaats daarvan zou je niet bang moeten zijn: Europa wordt met de nieuwe grondwet alleen maar democratischer, zodat je daar ook rustig je vrijzinnige stemgeluid kan laten horen. En ja, als je dan toch het onderspit delft, dan is dat toch democratie?
Ik heb zo mijn twijfels bij die redenering. Liberalen abstraheren de overgang naar een Verenigd Europa: zij zien het als slechts een verschil in schaalgrootte. Mensen zijn in de kern hetzelfde, dus op Europees niveau ontstaat niets anders dan een politiek zoals je die op nationaal niveau al had, maar dan uitvergroot. Dat heeft allerlei voordelen, want samen staan we sterker in een steeds meer globaliserende wereld (alsof dat niet ook een argument is vanuit angst). Zodra je het hebt over de gezamenlijke geschiedenis van de bevolking van een bestaande natiestaat, waarin mensen zich een identiteit hebben eigen gemaakt die verschilt van andere staten, ben je een essentialistische, nationalistische cultuurdenker.
Maar toch: die Nederlandse vrijzinnigheid, dat liberale drugsbeleid: dat komt toch ergens vandaan? Dat is toch op een bepaald moment in de tijd ontstaan door een specifieke verzameling van omstandigheden die in ons land (toevallig?) bij elkaar kwamen? Een realistische en pragmatische instelling, waarbij gezondheid en persoonlijke vrijheid belangrijker werden gevonden dan het simplistisch handhaven van regeltjes. Dat kun je terugvoeren op ‘onze’ koopmansgeest of op ‘onze’ traditie van het gedogen van andersdenkenden of op wat voor oorzaken dan ook. Niemand kan echter ontkennen dat dit specifieke beleid juist in Nederland is ontstaan en nergens anders.
De WRR zegt dat de Nederlandse identiteit niet bestaat, dat er in plaats daarvan in dit land heel veel verschillende identiteiten zijn. Daar hebben ze gelijk in. Toch hebben al die identiteiten bij elkaar wel iets neergezet, dat uniek is in de wereld. Moeten we daar dan afbreuk aan doen door -op dit moment in de geschiedenis- allemaal andere ‘identiteiten’, in een hele andere mix, daarover mee te laten beslissen?
Het principe van democratie op Europees niveau is prachtig. Maar als dat principe in conflict komt met vrijzinnige waarden, wat dan? In de laatste decennia van de 19de en de eerste van de 20ste eeuw hebben liberalen, radicalen, vrijzinnigen en socialisten gevochten voor een algemeen kiesrecht. Toen dat er in 1917 en 1919 uiteindelijk kwam was het resultaat dat vooral christelijk rechts hier enorm van profiteerde. Daaronder viel bijvoorbeeld de ARP die bij monde van voorman Abram Kuijper jarenlang het ‘huismanskiesrecht’ verdedigde: papa mag naar de stembus en brengt zijn stem uit en vertegenwoordigt daarin vrouw en kinderen. Een overwinning van de democratie: misschien. Maar tegelijk de ironie van de geschiedenis: hoe je idealen zich uiteindelijk tegen je kunnen keren.
Daarom betwijfel ik sterk of we op dit moment in de tijd wel moeten streven naar een verdergaande Europese eenwording. Met Europese samenwerking is niets mis, maar op diverse beleidsgebieden, zoals het drugsbeleid, zou Europa geen invloed moeten kunnen uitoefenen op nationale politiek. Ook vanuit een vrijzinnige optiek is daar iets voor te zeggen. Goed daarom dat de SP samen met GroenLinks een amendement tegen de aan het begin van dit stukje gemelde beleidsmaatregel heeft ingediend. Het verbieden van drugs op Europees niveau is een kwalijke zaak en zet een verkeerd precedent. Misschien klinkt het truttig en nationalistisch, maar laat Nederland, zolang een vrijzinnig Europa nog ver te zoeken is, op dat gebied alsjeblieft zijn eigen boontjes doppen.
(o.a.) politiek-filosofisch weblogger
(14 november 2007)